maandag 22 juni 2015

Versnelde verhoging AOW-leeftijd: vanaf 2021 doorwerken tot 67 jaar


De Eerste Kamer is akkoord gegaan met de versnelde verhoging van de AOW-leeftijd.

De AOW leeftijd gaat vanaf 2016 met drie maanden per jaar omhoog en vanaf 2018 met vier maanden per jaar omhoog.  Dat betekent dan de AOW-leeftijd 66 jaar wordt in 2018 en 67 jaar in 2021.

Aanvankelijk was de bedoeling dat de AOW-leeftijd pas in 2023 naar 67 omhoog zou gaan. De AOW-leeftijd wordt nu vanaf 2016 in stappen van 3 maanden verhoogd en vanaf 2018 in stappen van 4 maanden. Vanaf 2022 wordt de AOW-leeftijd gekoppeld aan de levensverwachting. De verhoging vindt plaats volgens onderstaand tijdspad.


Verhoging in

 AOW-leeftijd
  Betreft personen geboren:
2013

 65 + 1 maand
  na 31-12-1947 en voor 01-12-1948
2014

 65 + 2 maanden
  na 30-11-1948 en voor 01-11-1949
2015

 65 + 3 maanden
  na 31-10-1949 en voor 01-10-1950
2016

 65 + 6 maanden
  na 30-09-1950 en voor 01-07-1951
2017

 65 + 9 maanden
  na 30-06-1951 en voor 01-04-1952 
2018

 66
  na 31-03-1952 en voor 01-01-1953
2019

 66 + 4 maanden
  na 31-12-1952 en voor 01-09-1953
2020

 66 + 8 maanden
  na 31-08-1953 en voor 01-05-1954
2021

 67
  na 30-04-1954 en voor 01-01-1955

dinsdag 16 juni 2015

Tandartsbezoek wint het van pensioen

Weliswaar is de maatschappelijke belangstelling voor het onderwerp pensioen groot, maar dat leidt vooralsnog niet tot ander gedrag ten aanzien van het pensioen. Ruim zeven van de tien Nederlanders vult liever de belastingaangifte in of geeft de voorkeur aan een bezoek aan de tandarts dan zijn pensioenoverzicht te bekijken. Dit blijkt uit onderzoek van het onderzoeksbureau Kien in opdracht van Nationale-Nederlanden.
De belangrijkste reden om ons niet te verdiepen in ons pensioen is dat het saai en ingewikkeld is. Bovendien weet 44% van de Nederlanders ook niet waar hij of zij moet beginnen. Jongeren blijven pensioen vooral zien als iets voor de toekomst. Het onderzoek is uitgevoerd onder ruim 1000 respondenten.
Werkgevers
Nederlanders wisselen ook steeds vaker van baan en bouwen daardoor steeds meer verschillende pensioenpotjes op bij verzekeraars of pensioenfondsen. We geven nu aan gemiddeld vijf verschillende werkgevers te hebben gehad. In de toekomst zal dit aantal alleen maar toenemen, verwacht 63% van werkend Nederland.
Kennis ontbreekt
Uit het onderzoek blijkt ook dat onze kennis veel te wensen overlaat: maar liefst 36% is niet op de hoogte van het aantal verschillende pensioenpotjes en bijna de helft van de ondervraagden kent de bedragen niet. De voorwaarden van de verschillende pensioenpotjes zijn bij slechts 20% van de pensioengerechtigden bekend. En 49% zegt niet op de hoogte te zijn van de mogelijkheid om verschillende pensioenpotjes onder te brengen bij één fonds of verzekeraar.

APK check
Uit het onderzoek blijkt dat 59% van werkend Nederland zijn pensioen graag op een rijtje krijgt en advies wil krijgen wat te doen. Mannen zouden graag een soort APK check voor pensioen willen hebben (53%). Meer dan de helft wil zijn pensioen het liefst onderbrengen bij één fonds of verzekeraar zodat deze partij duidelijkheid kan verschaffen. Van de nieuwe werkgever wordt verwacht dat hij/zij ons alles vertelt over de pensioenregeling.

vrijdag 16 januari 2015

(Fiscale) wijzigingen woonmarkt per 1 januari 2015

(Fiscale) wijzigingen woonmarkt per 1 januari 2015

In 2015 verandert een aantal belastingregels door het ‘Belastingplan 2015’. Deze fiscale wijzigingen hebben effect op de woningmarkt en keuzes die consumenten maken. De belangrijkste fiscale wijzigingen voor eigenwoningbezitters en (ver)huurders per 1 januari 2015 worden in dit artikel benoemd en toegelicht.
Koop:
  • Voor restschulden die tussen 29 oktober 2012 en 31 december 2017 zijn ontstaan, geldt dat de rente over de financiering daarvan tot maximaal 15 jaar voor de inkomstenbelasting aftrekbaar is. Dat was 10 jaar. Restschulden tellen niet mee in de berekening van de Loan-to-Value-ratio (LTV).
  • De tijdelijke regeling voor huiseigenaren met dubbele lasten wordt per 1 januari 2015 permanent. Huiseigenaren mogen als zij hun oude huis te koop hebben staan maximaal drie jaar hypotheekrente voor twee huizen aftrekken van de belasting.
  • De tijdelijke verruimde verhuurregeling wordt permanent zodat na een periode van verhuur van de te koop staande woning de hypotheekrente maximaal drie jaar mag worden afgetrokken.
  • De verruimde schenkingsvrijstelling van €100.000 voor een eigen woning vervalt. De reguliere regeling wordt opnieuw van kracht, waarmee het voor ouders mogelijk is om eenmalig tot €52.752 belastingvrij te schenken aan een kind tussen de 18 en 40 jaar voor het kopen van een woning of het aflossen van een eigenwoningschuld.
  • Mensen die in 2014 een eigen woning hebben gekocht die nog in aanbouw is, kunnen in 2015 onder voorwaarden gebruik maken van de tijdelijke verruiming van de schenkingsvrijstelling van €100.000.
  • Voor het verbouwen, herstellen, renoveren van een huis of voor het aanleggen van een tuin geldt voor arbeid een verlaagd Btw-tarief van 6% in plaats van 21%. Deze regeling zou gelden tot 1 januari 2015, maar is verlengd tot 1 juli 2015.
  • De maximale hoogte van de hypotheek ten opzichte van de waarde van de woning (‘Loan-to-Value-ratio') wordt met 1%-punt verlaagd naar 103%.
  • Het maximale tarief waartegen hypotheekrente kan worden afgetrokken gaat met 0,5%-punt omlaag naar 51%. Eigenwoningbezitters die meer verdienen dan €57.585 krijgen te maken met de beperking van de hypotheekrenteaftrek.
  • De grens voor Nationale Hypotheek Garantie (NHG) gaat per 1 juli omlaag naar €245.000.
  • Het eigen woning forfait stijgt van 0,70% naar 0,75%.
  • Er gelden nieuwe en deels aangescherpte leennormen voor het bepalen van de maximale hoogte van een hypotheek.
  • De vrijstelling voor kamerverhuur bedraagt €4.954.
  • Vanaf 1 januari 2015 krijgen alle huiseigenaren een voorlopig energielabel.
  • Particulieren kunnen bij de gedwongen verkoop van een huis een bod doen via internet. Daarmee wordt de kans kleiner dat huizen (ver) beneden de marktwaarde worden verkocht en krijgen particulieren op de veiling meer mogelijkheden.
Huur:
  • De huurtoeslag- en liberalisatiegrens sociale huur is vastgesteld op €710,68 per maand. Dat was €699,48.
  • De inkomensgrens voor toewijzing sociale huur woningcorporaties stijgt van € 4.678 naar €34.991.

donderdag 2 oktober 2014

Grote verschillen in prestaties hypotheekverstrekkers

Onlangs is er weer een onderzoek geweest over de kennis en prestaties van geldverstrekkers in Nederland. Relaties van TMA Consultancy wisten het al, maar iedere keer blijkt maar weer dat "goedkoop altijd een prijs heeft".

Hieronder kunt u een samenvatting lezen van het onderzoek.

D&O: GROTE VERSCHILLEN IN PRESTATIES HYPOTHEEKVERSTREKKERS

Er zijn grote verschillen tussen de prestaties van geldverstrekkers, aldus onderzoek van Bureau D&O. "Zorgelijk en eigenlijk niet acceptabel vinden wij de grote verschillen tussen de wijze waarop adviseurs ervaren dat aanbieders bereid zijn mee te denken met klanten die met hun woonlasten in betalingsproblemen (dreigen te) komen."


1 oktober 2014

Bureau D & O heeft in september 2014 onderzoek gedaan naar het contact dat intermediairs hebben met geldverstrekkers in het kader van mutaties van hypotheken. Met name zijn er veel verzoeken om een orv over te sluiten. De doorlooptijd verschilt sterk per aanbieder. Gemiddeld is er sprake van 5,8 weken doorlooptijd van een afhandeling van een dergelijk verzoek. Het gemiddelde van de 10 procent snelste doorlooptijden is 1,8 weken. Het gemiddelde van de 10 procent langzaamste doorlooptijden bedraagt maar liefst 17,6 weken, aldus Bureau D&O.

De drie snelste hypotheekverstrekkers doorlooptijd oversluiten verpande ORV zijn:RegioBank (gemiddelde doorlooptijd van 2,8 weken), Obvion (3,5 weken) en BLG Wonen (4,1 weken).

Voor hun relaties moeten adviseurs regelmatig telefonisch contact hebben met aanbieders. Op dit punt zijn de verschillen tussen aanbieders minder groot dan bij de doorlooptijden. Op een 10-puntenschaal geven respondenten gemiddeld een 6,5 voor de telefonische bereikbaarheid van hypotheekverstrekkers. De hoogst gewaardeerde aanbieders zijn: RegioBank en Obvion (beiden 8,1), BLG Wonen en Aegon (beiden 7,6).
Aan de kantoren die hebben deelgenomen is gevraagd de drie voor hen belangrijkste geldverstrekkers te beoordelen op gemiddelde vakkennis van de contactpersonen waarmee men te maken heeft voor de afhandeling van verzoeken. Gemiddeld wordt een 6,8 gegeven voor de vakkennis van de hypotheekverstrekkers in het algemeen. De hoogst gewaardeerde aanbieders zijn: Obvion (8.0), Aegon en RegioBank (beiden 7,5).

Relaties van kantoren kunnen in een situatie komen waardoor zij de hypotheeklasten niet meer kunnen betalen of dat er een dreiging is dat deze situatie zich in de komende maanden zal voordoen, bijvoorbeeld in situaties van werkloosheid, echtscheiding, ziekte etc, zo stelt Bureau D&O. Aan de kantoren is gevraagd hoe men de bereidheid ervaart van de drie voor hen belangrijkste geldverstrekkers om constructief mee te denken op welke wijze deze problematiek voor de klant beheersbaar kan worden gemaakt. Gemiddeld wordt een 6,0 gegeven voor deze bereidheid tot meedenken. De in de ervaring van deelnemers bij (dreigende) betalingsproblemen meest meedenkende hypotheekverstrekkers zijn: Obvion (7,5), RegioBank (7,1) en BLG Wonen (6,8). De in de ervaring van deelnemers bij (dreigende) betalingsproblemen minst meedenkende hypotheekverstrekkers zijn: Argenta (4,6), ASR (5,4) en Hypotrust (5,5).

“Het onderzoek laat zien dat bij het verwerken van mutaties snelle doorlooptijden mogelijk zijn. De grote verschillen tussen aanbieders verklaart waarom in gesprekken met adviseurs de ervaringen zo verschillend zijn”, aldus Jurjen Oosterbaan Martinius. “Zorgelijk en eigenlijk niet acceptabel vinden wij de grote verschillen tussen de wijze waarop adviseurs ervaren dat aanbieders bereid zijn mee te denken met klanten die met hun woonlasten in betalingsproblemen (dreigen te) komen. Dit is een groot maatschappelijk probleem. Je zou op dit punt mogen verwachten dat alle aanbieders hier meer richting de 10 scoren dan lager.”

maandag 18 augustus 2014

Nederlander kent de hoogte van zijn eigen pensioenopbouw niet


Voorwoord TMA Consultancy:

Beste TMA Relatie,
Hieronder kunt u lezen de uitkomst van een onderzoek onder werkenden in Nederland inzake de kennis van het eigen pensioen.

Veel relaties van TMA Consultancy hebben in het verleden (bijvoorbeeld bij het afsluiten van een hypotheek of het maken van een financiële analyse) inzicht gekregen in de hele financiële situatie, waaronder het pensioen. Omdat niets zo veranderlijk is als de mens en zijn of haar financiële situatie, is het van groot belang om zo’n financiële analyse periodiek te updaten. TMA consultancy heeft daarvoor “Mijn Financiële Planning” ontwikkeld en een behoorlijk aantal relaties heeft inmiddels een abonnement afgesloten voor tussentijdse ondersteuning en een periodieke update.
Wilt u ook meer informatie over deze update mogelijkheid, neemt u dat eens een kijkje op de website: www.mijnfinancieleplanning.nl

Hartelijke groet,
Patrick Betman

 


 



Nederlander kent de hoogte van zijn eigen pensioenopbouw niet
Bijna tweederde van werkend Nederland weet niet hoeveel pensioen hij of zij heeft opgebouwd. Desondanks geeft 86% aan belang te hechten aan de pensioenopbouw. Dat blijkt uit het jaarlijkse Brunel Pensioenonderzoek van MarketResponse onder 600 werkende Nederlanders.







De kennis over pensioenopbouw gaat achteruit. In 2012 wist nog 45% wat de hoogte was van zijn pensioenopbouw. Dit na een spectaculaire stijging ten opzichte van 2010, toen slechts 12% hiervan op de hoogte was.
Belang
Het percentage dat belang hecht aan het pensioen is sinds 2010 gestaag toegenomen, ondanks de slechte kennis van het eigen pensioen.


“Het lijkt erop dat deelnemers wel op de hoogte zijn van algemene pensioenzaken, maar te weinig weten over hun persoonlijke situatie”, verklaart Maikel Pals, directeur van Brunel. “De aandacht voor het thema pensioen is dankzij de regelgeving rond het Uniform Pensioenoverzicht (UPO) en de introductie van mijnpensioenoverzicht.nl toegenomen, maar pensioendeelnemers echt in beweging krijgen blijkt een erg lastige opgave.”

De klant
Volgens Pals schiet de nieuwe Wet Pensioencommunicatie tekort in het vergroten van de kennis onder deelnemers van de eigen pensioenopbouw. “Je kunt de klant niet meer benaderen vanuit de gedachte one size fits all”, verklaart Pals. “Verschillende soorten klanten vragen verschillende benaderingen. Daarnaast is de koppeling met persoonlijk advies hard nodig.”
Bovendien, zo zegt hij: “Nederlanders zijn klaar voor digitale en moderne communicatiemiddelen; nu de pensioenuitvoerders nog.”

Betalen voor advies
Overigens vroeg Brunel ook of men wilde betalen voor een passend pensioenadvies. En dan blijkt dat slechts een derde van de deelnemers bereid is te betalen voor een persoonlijk advies. Deelnemers in de leeftijdsgroep van 45-54 jaar blijken het minst bereid geld uit te geven aan een adviesgesprek.

woensdag 12 februari 2014

Langer doorwerken


Bijna tweederde van de Nederlanders bereidt zich niet voor op langer doorwerken. Dit blijkt uit het Delta Lloyd onderzoek 'Hoe gaat Nederland met pensioen'. Nederlanders nemen geen maatregelen om langer door te werken én men is dit voorlopig ook niet van plan.

Delta Lloyd onderzoekt jaarlijks hoe bewust werknemers zich voorbereiden op hun pensioen. Duurzame inzetbaarheid is het tweede thema van dit onderzoek.

Voor een grote meerderheid zijn bijscholing, demotie of een lager salaris geen optie, minder uren werken is voor 45% van de werknemers in Nederland wel bespreekbaar. 

Gestegen
"Uit recente CBS cijfers blijkt dat de gemiddelde pensioenleeftijd in 2013 is gestegen naar 63,9. De verwachting is dat deze stijging zich ook de komende jaren doorzet, omdat de pensioenrichtleeftijd naar 67 jaar is gegaan en zal blijven stijgen omdat we allemaal ouder worden", zegt Ingrid de Graaf, algemeen directeur commerciële divisie Delta Lloyd.


"Uit het onderzoek blijkt dat werknemers het belang van een goede voorbereiding op langer doorwerken breed onderkennen, maar dat slechts een klein deel van hen maatregelen neemt. Ook om pensioen op te bouwen, moeten we langer doorwerken of financiële maatregelen treffen om eerder te kunnen stoppen. Met meer inzicht in je pensioensituatie kun je op tijd nog bijsturen en later eventuele financiële teleurstellingen voorkomen", aldus De Graaf. 

Inkomen
Werknemers die denken te weinig inkomen te hebben bij pensionering zijn nog minder geneigd langer door te werken (9%) dan werknemers die denken dat zij tegen die tijd (ruim) voldoende inkomen hebben (14%). Kennis verbreding, bijsparen en in goede gezondheid blijven zijn vaak genoemde maatregelen die werknemers treffen.

maandag 10 februari 2014

Hypotheeksluiter vertrouwt op adviseur

 

Beste TMA Relatie,

Hieronder kunt u de uitkomsten lezen van een onderzoek onder consumenten door de AFM inzake hypotheekadvies.

Een mooie ontwikkeling is dat de consument steeds beter is voorbereid op het advies gesprek. Zo blijft er meer tijd over voor de adviseur om op financieel gebied de diepte in te gaan.

Inzake de kosten van het advies kan TMA Consultancy door efficiëntie en lage kosten ook lage adviestarieven hanteren. Zo betaalt een starter op de woningmarkt € 1.750,- inclusief de bemiddeling voor een overlijdensrisico- en woonlastenverzekering. Gaat u naar bijv. De Hypotheker, dan betaalt u voor:

-          Advies                                               € 1.495,-
-          Bemiddeling hypotheek                    € 1.145,-
-          Bemiddeling overlijdenspolis               350,-
-          Bemiddeling woonlastenverz.              350,-
       Totaal                                                € 3.340,-

Kortom, wellicht de moeite waarde om ook uw vrienden, kennissen en familie te wijzen op de diensten van TMA Consultancy.

Veel leesplezier toegewenst.

Hartelijke groet,
Patrick Betman

_____

Het provisieverbod voor complexe financiële producten heeft nauwelijks geleid tot een toename van het aantal ‘doe-het-zelvers’ onder hypotheeksluiters. De meeste consumenten sluiten hun hypotheek nog steeds via een zelfstandig adviseur, op afstand gevolg door banken en hypotheekketens. Wel lijkt de consument zich door het provisieverbod actiever op te stellen.

Dat blijkt uit consumentenonderzoek van de Autoriteit Financiële Markten (AFM). Minder dan 2 procent van de consumenten sluit zonder advies (in vakjargon execution only genoemd) een hypotheek af. Daar staat tegenover dat onafhankelijk adviseurs 60 procent van de hypotheekmarkt hebben; voor banken is dat ongeveer een derde. Hypotheekwinkels zijn goed voor iets meer dan een vijfde van alle gesloten hypotheken, zelfstandig adviseurs voor bijna 40 procent van alle hypotheken.

“Het is goed dat consumenten de keuze hebben om op verschillende manieren een hypotheek af te sluiten. Tegelijkertijd is het zelfstandig afsluiten van een hypotheek alleen voor consumenten met veel verstand van zaken aan te raden. Een verkeerde keuze kan je immers op de lange termijn geld kosten. Aan goed financieel advies hangt een prijskaartje, maar het kan je op de langere termijn meer geld opleveren dan het heeft gekost. Bijvoorbeeld omdat je een lager rentetarief krijgt of minder snel geconfronteerd wordt met teleurstellingen”, aldus Michiel Denkers, hoofd toezicht bij de AFM.

Actievere rol consument
Hypotheeksluiters besteden gemiddeld 5,8 uur aan gesprekken met adviseurs om een juiste keuze te maken voor soort hypotheek en aanbieder. In de meting van een jaar geleden was dit bijna een uur langer. Naast adviesgesprekken besteden hypotheeksluiters gemiddeld 6,6 uur aan het zelf zoeken naar informatie om een juiste keuze te kunnen maken voor de soort hypotheek en de aanbieder. In twee voorgaande metingen was dit ruim vijf uur.

Hypotheekadvies goedkoper
De meeste adviseurs brengen een vast bedrag voor hypotheekadvies in rekening. Het gemiddelde bedrag dat respondenten noemen is 20 procent gedaald van €2166 naar €1749 ten opzichte van de vorige meting, die de periode november 2012 – april 2013 besloeg. “Je moet je als consument niet blindstaren op de prijs, want de kwaliteit van het advies is doorslaggevend. Maar deze prijsdaling door toegenomen concurrentie is natuurlijk goed nieuws voor de consument’’, aldus Denkers. Bijna 30 procent van de hypotheeksluiters onderhandelt over de prijs van het advies. In 2011 en begin 2012 was dit nog 20 procent. We zien dat verdere duidelijkheid over de kosten van advies tot een actievere rol (onderhandelt meer) van de consument leidt.

90% betaalt maar één adviseur
Zes op de tien hypotheeksluiters hebben gesprekken met één adviseur. Drie op de tien oriënteren zich bij meerdere hypotheekadviseurs, maar betalen uiteindelijk maar één adviseur voor daadwerkelijk advies, terwijl 9 procent meerdere adviseurs gebruikt en betaalt. Een oriënterend gesprek kan vaak kosteloos. Consumenten die hun huis verbouwen of de hypotheek oversluiten houden het relatief vaak bij één adviseur.

De AFM bevordert eerlijke en transparante financiële markten. Wij zijn de onafhankelijke gedragstoezichthouder op de markten van sparen, lenen, beleggen en verzekeren. Wij bevorderen eerlijke en zorgvuldige financiële dienstverlening aan consumenten, particuliere beleggers en (semi-)professionele partijen. We zien toe op een eerlijke en efficiënte werking van kapitaalmarkten. Ons streven is het vertrouwen van consumenten en ondernemingen in de financiële markten te versterken, ook internationaal. Op deze manier draagt de AFM bij aan de stabiliteit van het financiële stelsel, het functioneren van de economie, de reputatie en de welvaart van Nederland.